Wo­ning­cor­po­ra­ties & wo­ningei­ge­na­ren

Woningcorporaties & woningeigenaren

Par­ti­cu­lie­re wo­ning­bezit­ters

Inleiding

De gemeente Groningen telt bijna 100.000 woningen. Circa twee derde van deze woningen is in eigendom van particuliere woningbezitters. Particuliere woningbezitters besteden ieder jaar opgeteld tientallen miljoenen euro's aan energie, verreweg het grootste deel hiervan vloeit uit de gemeente. Momenteel zijn nog geen activiteiten van particuliere woningbezitters in de monitor opgenomen. Graag voegen we duurzaamheidsinitiatieven van particulieren toe in dit hoofdstuk, zodat er een completer beeld ontstaat van wat er allemaal gebeurt in Groningen op het gebied van duurzaamheid en welke duurzaamheidsactiviteiten nog in de pijplijn zitten.

Heeft u een interessant duurzaamheidsinitiatief? Klik dan hier om contact op te nemen.

Wo­ning­cor­po­ra­ties

Inleiding

De corporatieve woningvoorraad in de gemeente Groningen bestaat eind 2014 uit ruim 34 duizend woningen, verdeelt over de volgende vijf woningcorporaties. Ruim een derde van het totale aantal woningen in de gemeente Groningen is in eigendom van woningcorporaties. De woningcorporaties zetten actief in op verduurzaming van de sociale woningvoorraad. Dit levert niet alleen milieuwinst op, maar draagt ook bij aan extra wooncomfort en beheersing van de woonlasten voor huurders. Energielasten vormen namelijk een substantieel deel van de totale woonlasten. Verlaging van de energierekening draagt bij aan het betaalbaar houden van sociale huurwoningen.

De woningcorporaties werken intensief met elkaar en met de gemeente samen om de verduurzaming van de sociale woningvoorraad te realiseren en maken gezamenlijk prestatieafspraken. Het Nieuw Lokaal Akkoord 2.0 bevat afspraken tussen gemeente en corporaties over de periode 2011-2014. Voor de periode 2016 t/m 2020 hebben de woningcorporaties nieuwe afspraken met elkaar en met de gemeente gemaakt.

Uitgevoerde activiteiten

In het Nieuw Lokaal Akkoord 2.0 is afgesproken dat 3.500 tot 4.000 corporatiewoningen met energielabel D of slechter duurzaam verbeterd worden tot minimaal energielabel C in de periode 2011 t/m 2014. Dit is inclusief vervangende nieuwbouw bij sloop van verouderde woningen. Verder is afgesproken dat 20% van de energetisch verbeterde woningen gebruik maakt van duurzame energie, waarvan tenminste de helft zonne-energie. De doelstelling om 3.500-4.000 woningen naar label C of beter te verbeteren is ruim behaald met 7.223 woningen. Elf procent van de verbeterde woningen maakt gebruik van hernieuwbare energie (allen zonne-energie). Daarmee is de doelstelling dat 20% van de energetisch verbeterde woningen gebruik maakt van duurzame energie niet gerealiseerd. De doelstelling om tenminste 10% van de verbeterde woningen te voorzien van zonne-energie is wel gerealiseerd. Onderstaande figuur toont de labelverdeling van de sociale woningvoorraad in 2011 en 2014.

Figuur: Labelverdeling sociale woningvoorraad in 2011 en 2014

Activiteiten in uitvoering/voorgenomen activiteiten woningcorporaties

Activiteiten met een direct effect

  • De corporaties werken richting een corporatieve voorraad met een gemiddeld label B in 2020. Dit komt bij benadering neer op een energie index tussen de 1,4 en 1,2. De corporaties willen dit bereiken door 1.700 energiezuinige nieuwbouwwoningen te realiseren, 450 verouderde woningen te slopen en door bijna 5.000 bestaande woningen te verbeteren, waarvan 1.000 naar 'nul-op-de-meter'. Voor het bepalen van het effect van deze maatregelen zijn de volgende aannames gehanteerd: 1) nieuwbouw gemiddeld label A; 2) sloop woningen betreft label D, E, F en G woningen die naar rato worden gesloopt; 3) 'Nul-op-de-meter' wordt bereikt door een energiebesparing van 33% en voor de resterende energiebehoefte wordt gebruik gemaakt van warmtepompen die gebruik maken van buitenluchtwarmte en zonnepanelen (effect: 36,0 TJ energiebesparing, 27,4 TJ hernieuwbare energie). 

Activiteiten met een indirect effect

  • De corporaties gaan nadrukkelijker experimenteren met verduurzamingsmaatregelen op basis van wat de bewoner zelf wil. De eerste experimenten starten in 2016.
  • In 2016 maken de corporaties samen met de gemeente een plan hoe met een eenduidig afgestemd aanbod de acceptatie van zonnepanelen kan worden vergroot. De gemeente neemt hierin de regie.
  • Als woningen versterkt moeten worden, proberen de corporaties deze woningen gelijktijdig te verduurzamen. Mocht in het programma van de Nationaal Coördinator Groningen besloten worden tot nader onderzoek in de stad (in de oostelijke stadswijken en de hoogbouw), dan doen gemeente en corporaties dat gezamenlijk.
  • De gemeente neemt een regierol voor het stimuleren van energiezuiniger gedrag door eindgebruikers. De corporaties werken vanaf 2016 waar mogelijk mee aan bewustwording en gedragsverandering bij huurders, door campagnes, wedstrijden, slimme meters, etc.
  • De corporaties zijn voornemens om in 2016 een bestuurlijke overeenkomst te tekenen voor gebruik van geothermie via een warmtenet.
  • De reeds bestaande samenwerking met de kennisinstellingen in onze stad gaan de corporaties intensiveren. De gemeente neemt hiertoe het initiatief.
  • De corporaties gaan bewuster om met bouwmaterialen door vroegtijdiger aandacht te besteden aan hergebruik, biobased materialen en duurzaamheid. We ontwikkelen daarvoor samen beleid gericht op het bewuster omgaan met grondstoffen, duurzaam materiaal, vervoersstromen, mede vanuit het oog van ‘Total Cost of Ownership’ (bijvoorbeeld: niet alleen rekening houden met laagste prijs, maar ook met de kwaliteit en kosten op langere termijn) en Total Sustainability (bijvoorbeeld: niet alleen rekening houden met de directe duurzaamheid zoals het energieverbruik, maar ook kijken of het product duurzaam geproduceerd is, naar de transportkosten, de levensduur en de mogelijkheden om materialen later opnieuw te gebruiken). Gemeente en corporaties implementeren het nieuwe beleid in 2017.
Lees meer